Meer over Ramadan en Suikerfeest
De islamitische kalender
Ramadan is de negende maand van het islamitische jaar. De loop van het jaar wordt bepaald door de stand van de maan. Elke maand begint bij de nieuwe maan. Dit is vastgelegd in de Koran. Daarin staat dat de zon en de maan door Allah geschapen zijn en dat de maan de tijd aangeeft. Een islamitisch jaar telt twaalf maan-maanden die uit 29 of 30 dagen bestaan. In totaal zijn er 354 dagen, waardoor het jaar verschuift in vergelijking met ons kalenderjaar, dat bepaald wordt door de stand van de zon. Daardoor begint de ramadan elk jaar op een andere datum.
De Islam
In de zevende eeuw na Christus ontstaat na het Jodendom en het christendom de islam. De profeet Mohammed sticht deze godsdienst nadat hij van de engel Gabriël een goddelijke boodschap heeft gekregen: “Er is geen andere god dan Allah en Mohammed is Zijn afgezant.”
Islam betekent letterlijk onderwerping. Dat wil zeggen: overgave aan de wil van God.
Moslims geloven dat zij de hemel kunnen bereiken als zij leven volgens de regels en plichten, de vijf zuilen, van de Islam:
- Belijd je geloof (de geloofsbelijdenis of salaat): "Er is geen God dan Allah, en Mohammed is Zijn Profeet."
- Bid: vijf maal per dag spreken moslims vastgestelde gebeden uit, te beginnen bij het ochtendgloren. Het gezicht is in de richting van Mekka, de heilige stad. Als een moslim niet in staat is om naar de moskee om te gaan om te bidden, dan doet hij/zij dit thuis of op het werk. Men rolt een gebedsmatje uit in de richting van Mekka en spreekt de gebeden daarop uit.
- Geef aalmoezen (de zakaat): iedere moslim geeft een deel van het inkomen als steun voor de moskee en de armen.
- Vast (de ramadan): de gehele negende maand van de Moslimkalender, de ramadan, vasten de gelovigen van zonsopgang tot zonsondergang. Ze mogen niet eten, drinken, roken en vrijen. Het vasten heeft als doel om de ziel te zuiveren. Tijdens de ramadan bedanken moslims Allah voor alles wat hij de mens gegeven heeft. Voor rijken is de ramadan een tijd waarin ze eraan herinnerd worden hoe het is om arm en hongerig te zijn. Kinderen, zieken, oude mensen, menstruerende en zwangere vrouwen hoeven niet te vasten. Elke dag na zonsondergang wordt het vasten ‘gebroken’ en eten de mensen extra feestelijk (de iftarmaaltijd).
Aan het einde van de maand ramadan vieren de mensen het Suikerfeest. Het feest begint als de nieuwe maan te zien is en duurt drie dagen. Het zijn echte feestdagen. De mensen zijn trots dat ze het vasten hebben kunnen volhouden. Ze feliciteren elkaar, schenken aan de armen en gaan bij elkaar op visite. Ze eten veel zoete gerechten. Naast het vieren van het einde van de ramadan is het Suikerfeest ook een feest van verzoening. - Ga op bedevaart (de hadj): minstens eenmaal in het leven moet iedere gelovige (mits gezondheid en financiële draagkracht dit toestaan) naar Mekka, de heilige stad, gaan.
Mohammed
Mohammed werd rond het jaar 570 geboren in Mekka. Hij trouwde met de vijftien jaar oudere Chadija en werkte als handelsvertegenwoordiger van haar karavanen. In de tijd van Mohammed vereerden de inwoners van Saoedi-Arabië verschillende goden. Dit wordt polytheïsme genoemd. Veel stammen waren met elkaar in oorlog en de heersende klasse deed weinig om de armen te helpen. Mohammed ontving zijn eerste openbaring op de berg Hira. Ongeveer twee jaar na de eerste openbaring begon Mohammed in het openbaar te prediken. Hij riep de mensen op om één God te vereren, Allah, en om naar armen, wezen en weduwen om te zien.
